3 Tips voor een stabiele gang

‘Mijn paard sjokt, is sloom, trekt aan de longe (of teugel) en valt steeds terug.’ OF ‘Mijn paard valt om aan de longe (of teugel), vlucht weg, versnelt steeds en is erg gespannen.’ Beide scenario’s komen op hetzelfde neer: je paard kent zijn verantwoordelijkheid niet!

Ritme, balans & ontspanning: zijn de drie sleutelwoorden waar we het in dit artikel over willen hebben en die het resultaat vormen van een paard dat zijn verantwoordelijkheid kent.

Dus wat is nou die verantwoordelijkheid waar we het over hebben? Wanneer we met ons paard samen zijn hebben we beiden enkele verantwoordelijkheden. Een van de verantwoordelijkheden van ons paard is: het tempo houden. Maar, net zoals bij een kind, is het onze taak als (ouder) om hem te helpen die verantwoordelijkheid te begrijpen en te houden.
Wat betekent dit? Heel simpel gezegd betekent het dat, wanneer je je paard hebt gevraagd een bepaalde gang aan te nemen (en in een later stadium een bepaald ritme), hij zelfstandig in die gang blijft totdat je hem iets anders vraagt.

In de praktijk weten we allang dat dit niet altijd zo gemakkelijk is als het lijkt. Want wat nu als je een ongemotiveerd paard hebt? Wat nu als je paard niet reageert op je hulpen? Wat nu als je paard juist zenuwachtig is? Of een slechte balans heeft?
De oplossing tot enkele van die problemen vind je in vorige blogartikelen. Maar vandaag willen we het hebben over het HOE van het houden van het tempo.

Allereerst moet je bedenken dat paarden gemakdieren zijn. Dit betekent dat ze, ondanks hun intelligentie (of juist daardoor!), graag de gemakkelijkste weg kiezen, en uiteindelijk (wanneer ze zich veilig voelen) liever lui dan moe zijn. Hier is niks mis mee; zo heeft de natuur ze gemaakt zodat ze hun energie kunnen gebruiken voor noodgevallen. Sterker nog, wij kunnen dit gebruiken!
Het betekent dat hoe vaker ik mijn paard een fout laat maken en hem dan corrigeer, hoe meer hij gaat beseffen dat het hem minder moeite kost om de ‘fout’ niet te maken.

IMG_6711Hoe werkt dit in de praktijk?
We zullen longeren, of aangelijnd cirkelen als voorbeeld nemen. Een klassiek voorbeeld is het dravende paard waarvan ons wordt geleerd: begrens hem aan de voorkant met de longeerlijn, en aan de achterkant met de zweep die je constant omhoog houdt. Daarbij zie je vaak trainers die regelmatig klikken en hun stem gebruiken om hun paard erop te wijzen dat hij te langzaam of te snel is. Het probleem bij dit voorbeeld is: er is geen ruimte voor fouten;  oftewel: er is dus geen ruimte voor het paard om werkelijk iets te leren.

Wil je dat je paard leert de draf vol te houden? Geef hem die ruimte!
Hoe doe je het dus wel?

TIP 1:
Laat hem de fout maken!
Wil je hem in draf houden? Wacht dan tot hij terug naar stap gaat zonder dat jij het vroeg, en pas dan (EN NIET EERDER!) ga je hem rustig weer hulpen geven (volgens de 4 fases) om terug naar de draf te gaan!
Als je hem geen ruimte geeft om fouten te maken, zal hij ook niet leren hoe het wel moet, maar zal hij verwachten dat jij de rest van je leven hem eraan gaat herinneren dat hij in draf moet. Het gaat een beetje zo: ‘Je moet in draf. Je moet in draf blijven. Blijf in draf. Weet je nog dat je moet draven? Wel in draf blijven hoor.’ Kun je je voorstellen hoe irritant dit is voor je paard? En kun je je voorstellen dat hij het niet waardeert dat je denkt dat hij zo dom is? Hij weet inmiddels heus wel dat je wilt dat hij draaft! Bovendien hoort hij de ‘ruis’ van je stem en zweep uiteindelijk niet eens meer.

Dat brengt ons op het volgende punt:
TIP 2:
Doet hij het goed? Laat hem dan met rust!
Zodra hij draaft, laat je hem met rust. Laat alsjeblieft die zweep op de grond vallen (je hoeft hem niet op te sluiten! Denk je er weleens bij na hoe naar dit klinkt? Wil je een partner of een gevangene?), en laat de voortdurende klikjes en ‘hooo’s’ achterwege. Als hij draaft, is hij braaf. Ga je nog niet te snel bemoeien met hoe hard hij in draf gaat, leer hem eerst gewoon draf = draf. Meer niet! En hoe meer je hem micro-managet hoe meer hij zich bekritiseerd voelt en/of minder moeite voor je gaat doen of zenuwachtig wordt. Geef hem de tijd om die ontspanning zelf te vinden.

TIP 3:
Beloon het resultaat!
Zodra je paard vooruitgang maakt; wees dan eerlijk en beloon hem hiervoor. Haal hem naar je toe (of ga naar hem toe om hem een korte pauze te geven zodra:)
– Hij likt, zucht of briest (symptomen die laten zien dat hij ontspant & iets heeft geleerd).
– Hij langer in dezelfde gang blijft dan anders.dn58
– Hij een betere balans heeft dan anders.
– Hij minder aan de lijn trekt dan anders.
– Hij rustiger of juist vlotter is dan anders (wat je nodig hebt van zijn type weet je zelf het beste!).
– Zijn tempo of ritme constanter is dan anders.
– Hij recht op de volte gaat lopen (gebruik van achterhand, buigen van zijn middenlijf, en het laten zaken van zijn hals).

Let op: hij zit nog in de leerfase. Beloon dus heel duidelijk iedere vorm van verbetering en we kunnen je beloven dat je snel verbetering zult gaan zien. Bouw langzaam op en hij zal: steeds langere stukken, constantere tempo’s en een gezondere houding en balans kunnen vasthouden.
*En een leuke extra: heb je altijd willen leren hoe je je paard laat cirkelen zonder dat je hoeft mee te draaien? Dan is bovenstaande oefening de sleutel! Speel ermee! Enjoy!

Succes! En deel je verhaal met ons 😉

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *